Google Tag Manager: 5 tips om het overzicht te houden!

24 augustus 2017

We komen het helaas nog vaak tegen: te weinig structuur en overzicht binnen Google Tag Manager-accounts. En hoe verder het account groeit, hoe onoverzichtelijker het wordt. Tijd dus om dat eens aan te pakken! Want een slim overzicht bespaart tijd, geld en een hoop onnodige frustratie. Vijf tips!

1. Breng structuur aan in je Google Tag Manager account

Google Tag Manager bestaat uit accounts, containers & tags. De basis is hierbij ongeveer gelijk aan de structuur die ook binnen Google Analytics wordt gehanteerd. Eén account bevat meerdere containers. Elke container heeft zijn eigen Javascript code die geplaatst wordt in de broncode van de website.

Google raadt aan om slechts één account per organisatie aan te maken en één container per website te gebruiken. Ik heb helaas al meerdere gevallen gezien waarbij er meerdere Google Tag Manager-accounts zijn aangemaakt voor een organisatie. Of zelfs verschillende containers voor één website. Dit wordt wel ondersteund sinds 2015 maar is zeker niet aan te raden, je dient immers te streven naar één container voor één website. Mocht je dit alsnog graag willen realiseren, lees dan zeker eens het blog van Simo Ahava over meerdere containers op één website.

Er zijn natuurlijk uitzonderingen: denk bijvoorbeeld aan twee websites die sterk op elkaar lijken en daardoor gebruik kunnen maken van dezelfde container. Je moet in dit geval wel heel erg voorzichtig zijn wanneer je de triggers configureert binnen deze container.

2. Maak gebruik van consistente naamgeving

Eén van de meest belangrijke tips. Als je Google Tag Manager vaker hebt gebruikt op grotere websites, dan weet je dat je dat door het aantal tags, triggers en variabelen zeer snel kan groeien. Maak je geen gebruik van  consistente naamgeving? Dan kan je container al snel transformeren in een draak. Duidelijke naamgeving maakt het voor jou en de anderen in die in de container werken een stuk makkelijker. En makkelijker werken betekent: minder risico’s, tijd en geld verspild aan tagging. Mijn tips:

  • Voeg het producttype toe: AW voor AdWords, GA voor Google Analytics, enz.
  • Voeg het trackingtype toe: paginaweergave, gebeurtenis, remarketing, enz.
  • Voeg specifieke pagina’s toe: bedankpagina, homepagina, enz.

Een voorbeeld: GA – Event – Homepagina – CTA klik

Wil je meer weten over dit onderwerp lees dan zeker deze artikelen van LunaMetrics en Google eens.

3. Maak gebruik van folders

Een account kan in de loop der tijd flink groeien. Om meer structuur aan te brengen kun je je tags onderbrengen in verschillende folders. Op deze manier zie je in één oogopslag waar ze toe behoren. Je kan verschillende folders sorteren op basis van:

  • Afdelingen binnen een organisatie, bijvoorbeeld: CRO, marketing, enz.
  • Teams: bijvoorbeeld een aparte map voor het marketingbureau waar je mee samenwerkt.
  • Type: een aparte folder voor Google Analytics-tags een weer andere voor AdWords tags, enz.

4. Maak gebruik van lookup-tabellen

Een lookup-tabel maakt het makkelijker om waarden in je trackinginstellingen te managen. Het kan het aantal tags dat je gebruikt drastisch verminderen. Daarmee verandert je rommelige omgeving in een nette omgeving!

Een lookup-tabel in Google Tag Manager is een variabele die de waarde van een andere variabele als input gebruikt. Het werkt als volgt: wanneer {{invoer variabele}} gelijk is aan X, stel dan {{Uitgang variabele}} in op Y.

variabele configuratie

Het meest gebruikte voorbeeld is het gebruik van verschillende Google Analytics tracking ID’s. Eén voor de productie (live) omgeving en een andere voor de development of stagingomgeving. Op deze manier worden de gegevens naar het juiste Google Analytics-account verzonden.

  • Als {{Page Hostname}} overeenkomt met Happyidiots.nl zet de uitgaande waarde op: UA-XXXXXXX-1.
  • Als {{Page Hostname}} overeenkomt met testing.happyidiots.nl zet de uitgaande waarde op: UA-XXXXXXX-2.

Wil je hierover meer weten bekijk de video van Measureschool.

5. Geef alleen de juiste mensen toegang

Google Tag Manager is een hele krachtige tool. Onverantwoord gebruik of niet goed nadenken van tevoren kan ervoor zorgen dat bepaalde functionaliteiten op de website niet meer werken. Zorg er daarom voor dat alleen de juiste mensen toegang hebben.

Google Tag Manager maakt het het mogelijk op gebruikers toegang te geven op account- en containerniveau. Op accountniveau kun je rechten hebben als beheerder, waarbij je andere gebruikers kan bewerken of toewijzen als gebruiker. Op containerniveau kun je rechten krijgen om te lezen, bewerken, goedkeuren of publiceren.

toegang account

  • Lezen: de gebruiker ziet de container en kan door de tags, triggers en variabelen in de container browsen, maar kan geen wijzigingen aanbrengen.
  • Bewerken: de gebruiker mag werkruimten maken en bewerkingen uitvoeren, maar kan geen versies maken of publiceren.
  • Goedkeuren: de gebruiker mag versies en werkruimten maken en bewerkingen uitvoeren, maar kan deze niet publiceren.
  • Publiceren: de gebruiker beschikt over alle rechten voor het maken en bewerken van werkruimten en versies én kan deze publiceren.

Tip: geef de rechten om te publiceren alleen aan je teamleden met de meeste kennis over Google Tag Manager.

Meer weten of hulp nodig?

Bij Happy Idiots weten we alles over Google Tag Manager. Neem gerust contact op!

Plaats een Reactie

We are part of Happy Horizon